Meer en meer leggen onze accountancy-studenten een beredeneerd parcours af: van een professionele bachelor over een schakeljaar tot een master", luidt het op het departement Handelswetenschappen en Bedrijfskunde.
We zien dat studenten bewust starten in een praktijkgerichte opleiding om daarna, met de competenties die ze ondertussen verworven hebben, nog een mastergraad te behalen. We spreken hier van het 'zalmprincipe': tegen de stroom in zwemmen.
Neem nu het parcours van Geert Deckers (25 jaar).
Hij behaalde in 2006 het KdG-diploma professionele bachelor Bedrijfsmanagement, optie Accountancy-Fiscaliteit.
Daarna koos hij voor een combi van werken en studeren. Zo startte hij tegelijkertijd in een internationaal accountancybureau en aan de Lessius-hogeschool.
“Het was een zwaar traject maar het loonde zeker. De theorie kon ik steeds meteen omzetten in de praktijk. De masteropleiding gaf me een breder beeld van de gehele economie. Omdat ik al een specialisatie in Accountancy had, kon ik tijdens het verder studeren ook verder specialiseren. Ik koos voor finance-management”, luidt het.
Dat hij reeds op jonge leeftijd internationale kansen en een pak verantwoordelijkheid kreeg, schrijft hij aan zijn studieparcours toe.
“Het zalmprincipe gaf me mogelijkheden die ik anders nooit gekregen had. Ik heb me kunnen ontwikkelen op een manier die ik zelf nooit had kunnen dromen. Een professionele bachelor geeft volgens mij een correcter beeld van de jobrealiteit dan een academische bachelor. Je combineert een hands-onhouding met academische waarden. Werkgevers appreciëren dat”, aldus Geert, die nu nog – om het combineren af te leren – een avondopleiding Europees zakenwezen volgt.
“KdG is voor mij in elk geval de start van een boeiende carrière”, besluit hij.
Meer weten over het zalmprincipe?
