Getuigenissen heroriënteerders

Share

  • Mail to a friend
Studentes buiten

Heroriënteren naar KdG is niet moelijk. Kersverse KdG-ers aan het woord.

Sarie en Britt

Studentes Sarie Ost en Britt Sledsens gingen aan de universiteit van start in de opleiding Biomedische Wetenschappen. Ze voelden echter al snel aan dat die opleiding hun helemaal niet lag.

Sarie: “Het was pure wetenschap, heel theoretisch, en dat is echt niets voor mij. Al snel dacht ik, ‘Nu veranderen, of het loopt niet goed af’. Ik was altijd wel al geïnteresseerd in verpleegkunde, maar ik moet eerlijk zeggen, bij de stap naar het hoger onderwijs heb ik mijn huiswerk niet goed gemaakt. De infodagen en dergelijke meer zijn aan mij voorbij gegaan, dus de optie om voor verpleegkunde te kiezen, kwam gewoon niet in mij op.”

Britt: “Ik was geïnteresseerd in het menselijk lichaam en wilde iets studeren dat daarbij paste. Ik dacht, ik probeer meteen het moeilijkste, ik ga voor de universiteit. Maar dat viel tegen. Niet zozeer omdat het ‘te moeilijk’ was, maar vooral omdat er zo weinig praktijk aan te pas kwam.”

Gelukkig ging de overstap naar het hoger onderwijs voor hen allebei vlot. Omdat ze er snel bij waren, konden ze vlot veranderen van opleiding en de draad elders oppikken. Ze zijn nu allebei tevreden met hun keuze.

Sarie: “Meteen toen ik hier aankwam, voelde ik mij welkom. Ik werd goed ontvangen en ze hebben echt uren met mij en mijn vader gesproken om me te helpen de juiste keuzes te maken. Het was ook heel warm en persoonlijk. Ik kwam echt stralend buiten na dat informatiegesprek. Je voelt ook tijdens de lessen aan de sfeer dat het er hier heel anders aan toe gaat. Ze kenden me hier bij naam en er was geen enkele drempel om lectoren aan te spreken. Ik ben heel tevreden met de opleidingskeuze die ik nu gemaakt heb. Veel praktijk, echt mijn ding.”

Britt: “Ik heb me bij mijn keuze vooral laten leiden door het feit dat op KdG in het eerste jaar verpleegkunde nog geen stage gegeven wordt. Zo kon ik met wat inhaalmanoeuvres aansluiten bij de rest van het jaar. Mocht er stage gegeven worden, dan had ik dat nooit kunnen doen. Ik ben ook aangenaam verrast door het groepsgevoel en de sociale sfeer hier. Dat is ergens ook logisch, je praat sneller en je trekt makkelijker samen op, als je in een groep van 30 zit in plaats van in een groep van 400. Maar ik heb er toch ook geen spijt van dat ik eerst de universiteit heb geprobeerd. Het is iets helemaal anders, maar ik ben blij dat ik die ervaring heb meegemaakt.”

Sarie wil na deze opleiding graag nog wat verder studeren. Een banaba (bachelor-na-bachelor) of zelfs en schakelprogramma naar een master, de mogelijkheden liggen voor haar open. Daarna hoopt ze ergens terecht te komen waar de actie is: de spoed of de ambulance lijken haar wel wat.

Britt geeft als raad nog mee dat je niet te lang moet wachten als je twijfelt. Door haar snelle reactie kon ze de overstap vlot maken. Anders was ze misschien een jaar kwijt geweest.

Vincent en Dave

Vincent Van Bueren volgde twee jaar Rechten aan de UA. Daarna stapte hij naar KdG,waar hij nu in zijn tweede jaar rechtspraktijk zit. Ook Dave Van Marsenille maakte de sprong van Rechten naar onze opleiding rechtspraktijk.

Waarom heb je de keuze gemaakt om over te stappen naar de hogeschool?
Vincent: “Ik heb eerst voor de universiteit gekozen omdat ik graag gerechtsdeurwaarder wou worden, en daar had ik een masterdiploma in de Rechten voor nodig. Het eerste jaar viel mee, maar ik had toch problemen om die grote pakken leerstof te verwerken. Cursussen van 200 tot 400 bladzijden waren geen uitzondering. Pas toen ik hier op KdG begon te studeren, drong het tot me door dat de praktische richting van de opleiding voor mij enorm belangrijk is. Het gaat mij doodeenvoudig beter af om theorie in de praktijk om te zetten, dan om ze louter op te slaan in mijn hoofd.”

Dave: “Ik heb voor Rechten gekozen voor de uitdaging. Ik wist niet specifiek wat ik wilde doen en Rechten is een richting met veel toekomstmogelijkheden. Mijn keuze voor het juridische was juist maar de aanpak niet. Er werd zelden aandacht besteed aan de praktijk en door de link met de praktijk begrijp ik dingen beter en onthoud ik ze ook.”

Waarom heb je specifiek voor KdG gekozen?
Vincent: “Ik heb heel lang getwijfeld over wat ik zou doen na de universiteit. Toen besefte ik dat het zonde zou zijn om de credits die ik al had behaald, verloren te laten gaan. Op KdG kon ik met mijn credits enkele vrijstellingen krijgen. Maar wat mij echt over de streep heeft gehaald, was een gesprek met één van de lectoren van Rechtspraktijk, Liesbet Noels, op de laatste infoavond. Dat was een leuk en ophelderend gesprek, waarbij ik als ex-student Rechten zeer begripvol en respectvol werd onthaald. Na dat gesprek was voor mij de beslissing resoluut genomen en ging ik mij inschrijven op KdG.”

Dave: “Mijn keuze voor de school was snel gemaakt. Mijn broer volgde hier ook les en was tevreden over de school. Daar kwam dan nog eens bij dat de kwaliteit van de opleiding Rechtspraktijk hier een hoog aanzien geniet.”

Op welke manier ervaar je het leven hier aan de hogeschool?
Vincent: “Het grootste verschil is de manier waarop er les wordt gegeven. Op de universiteit heb je de grote aula’s waarin je met 100, 200 tot 300 man les volgt. Bij ons op KdG gaat het er kleinschaliger aan toe. Je hebt les in groepen van enkele tientallen mensen i.p.v. enkele honderdtallen. Hierdoor ga je sneller de leerstof vatten en begrijpen en ga je sneller samenwerken. Je leert echt iedereen kennen en je vraagt ook sneller iemand om hulp als het niet gaat. En als je met een probleem zit, dan kan je heel gemakkelijk bij een lector langs voor hulp, gewoon in de klas of per mail. De lectoren aarzelen niet om je te helpen en te begeleiden. Op de universiteit is de stap naar raad, hulp of begeleiding gewoon iets groter. Althans, zo ervaar ik dat.”

Dave: “Ik voelde meteen dat de overstap de juiste beslissing was. Dat wil niet zeggen dat ik spijt heb van mijn jaren aan de universiteit, want die hebben me heel wat levenservaring opgebracht die ik niet zou willen missen. De integratie in de klasgroep verliep in het begin nogal stroef omdat ik door vele vrijstellingen les volgde in verschillende jaren, klasgroepen en zelfs verschillende richtingen. Maar in elke klasgroep waar ik les volgde, werd ik vriendelijk onthaald door de medestudenten en na een tijdje voelde ik mij overal thuis.
De docenten hadden uiteraard allerlei vragen, omdat ik ineens les volgde in het tweede jaar zonder hun les te hebben gevolgd in het eerste jaar, maar ze zijn stuk voor stuk zeer vriendelijk. Ze waren vooral geïnteresseerd in welke vakken, boeken en professoren ik had gehad.  Zo bleek dat de hogeschool heel wat boeken gebruikt die ik op de universiteit ook nodig had.”

Wat zijn je plannen voor de toekomst? Wil je verder studeren, wil je ergens gaan werken?
Vincent: “Ik denk dat ik, op advies van één van mijn lectoren, Timothy Matthijs, na mijn bachelor Rechtspraktijk ga proberen om toch de Master in de Rechten te behalen via een schakelprogramma.”

Dave: “Op dit moment zou ik graag in een bank of bedrijf aan de slag gaan. Mijn stage bij KBC zal een goede test zijn om te zien of ik in de banksector mijn ambities kan waarmaken.”

Heb je raad voor twijfelende universiteitsstudenten?
Vincent: “Als je je niet goed voelt in je studies, wacht dan niet te lang om de knoop door te hakken en het elders te proberen. Zelf heb ik er misschien een jaar te lang mee gewacht. Ten tweede wil ik zeggen dat, eens je de beslissing genomen hebt om je in te schrijven op de hogeschool, je er volledig voor moet gaan. Ik weet, het is een cliché, maar als je met wat pech of tegenslag van de universiteit komt, dan geeft de hogeschool je echt een boost als je er voluit voor gaat.”

Dave: “De enige raad die ik wil geven is dat zij helemaal alleen hun keuze moeten maken. Je moet alle voor- en nadelen afwegen en dan een beslissing maken. Welke beslissing je ook neemt, besef dat je zowel aan de universiteit als aan de hogeschool moet werken voor goede punten.”

Koen

Koen Smits is een beetje een uitzonderlijk geval. Hij had al sinds 2006 een masterdiploma Scheikunde van de universiteit op zak, ging aan het werk en besloot toen om zich toch nog in te schrijven aan de Karel de Grote-Hogeschool voor de masteropleiding in de Industriële Wetenschappen: Chemie.

Waarom de keuze om er een hogeschoolopleiding bij te nemen, Koen?

“Toen ik afstudeerde als master in de Scheikunde heb ik onmiddellijk geprobeerd om ergens in de industrie aan de slag te raken. Er waren genoeg vacatures waarvoor ik in aanmerking kwam, en vaak waren dit vacatures waar zowel een master in de Scheikunde als een master in de Industriële Wetenschappen voor kon solliciteren. Maar als puntje bij paaltje kwam, werd er altijd een master in de Industriële Wetenschappen aangenomen. Zij hadden de bovenhand omdat ze meer wisten over chemische procestechnologie en meer praktische vaardigheden beheersten. Toen ik dan toch werk vond bij een bio-technologisch bedrijf in Mechelen kreeg ik het gevoel dat een meer technisch gerichte opleiding toch een meerwaarde zou zijn. Uiteindelijk heb ik mij dan ingeschreven aan het departement Industriële Wetenschappen en Technologie aan de Karel de Grote-Hogeschool.”

Waarom heb je gekozen voor de Karel de Grote-Hogeschool?
“Voornamelijk door mond-tot-mondreclame. Verschillende kennissen van me studeerden aan de Karel de Grote-Hogeschool en waren er erg tevreden over.”

Omdat je de twee soorten opleiding gevolgd hebt, ben je natuurlijk ervaringsdeskundige. Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen een opleiding aan de universiteit en een opleiding aan de hogeschool?
“Om alvast een eerste misverstand uit de weg te helpen: de leerstof in de hogeschoolopleiding is zeker niet makkelijker dan die aan de universiteit, je legt gewoon andere accenten. Ik zocht naar een ruime wetenschappelijke basis met specialisatie in chemie en toepassingsgerichte kennis en vaardigheden. Ik werd in mijn hogeschoolopleiding op mijn wenken bediend. De opleiding aan de universiteit was veel theoretischer en sterk gericht op de verschillende facetten van scheikunde. Als je je echt in de theorie van een bepaald vakgebied wil vastbijten, dan heb je die kennis nodig. Maar wil je praktisch aan de slag, dan heb je in je carrière meer aan een diploma in de Industriële Wetenschappen.”

Welke concrete voordelen heb je door je keuze ondervonden?
“Bijna elk vak dat ik volg, kan ik op de een of andere manier gebruiken in mijn job. Mijn keuzemogelijkheden op het vlak van werk zijn ook vergroot dankzij een meer algemene en bredere opleiding.”

Heb je raad voor beginners die twijfelen?
“Je moet een opleiding kiezen die het beste aansluit bij je eigen dromen en talenten. Droom je van een gespecialiseerde toekomst in, ik zeg maar iets, kwantummechanica, en ben je iemand die je uren kan bezighouden met het hoe en waarom van de dingen, dan kies je het beste voor een universitaire opleiding. Ben jij iemand die met zijn academische kennis iets concreets wil uitvoeren op de werkvloer, dan ga je het beste voor de hogeschoolopleiding.
Ik stel het nu allemaal een beetje zwart-wit voor, maar zo heb ik het ervaren.”