Studiegeld, vaste kosten, variabele kosten, financiële ondersteuning: we brengen alles in kaart zodat jij een zicht krijgt op je budget.
Het totale studiegeld bestaat uit een vast deel, eventueel aangevuld met een variabel deel.
Het vaste deel is eenmalig, te betalen bij inschrijving voor meerdere diploma- of creditcontracten.
Beurstariefstudenten vormen een uitzondering: zij betalen per bijkomende inschrijving voor een diploma- of creditcontract telkens een vast deel.
Het variabele deel is de vermenigvuldiging van het aantal studiepunten van je contract(en) met het bedrag per studiepunt.
Per examencontract betaal je telkens een vast en variabel deel.
Hoeveel je betaalt, hangt af van je contract: diplomacontract, creditcontract of examencontract.
Je wilt een bachelor- of masterdiploma behalen of je schrijft je in voor een voorbereidings- of schakelprogramma.
Je wilt een creditbewijs halen voor een of meerdere opleidingsonderdelen, bijvoorbeeld als bijscholing als je al werkt.
Je legt examens af zonder lessen te volgen, met als einddoel een bachelor- of masterdiploma of een creditbewijs voor een of meerdere opleidingsonderdelen.
De bachelor-na-bachelors, masters-na-masters, navormingen, postgraduaten en permanente vormingen hebben een afwijkend studiegeld.
Je staat zelf in voor het materiaal dat je nodig hebt om je taken te realiseren.
Om de kosten te drukken, gebeuren echter bepaalde aankopen gemeenschappelijk (bijvoorbeeld chemicaliën om foto's te ontwikkelen, verf, knutselmateriaal, auto-onderdelen, ...).
Soms betaal je ook een forfait voor kopieën.
Deze forfaitaire kosten betaal je bij de inschrijving.
Hieronder vind je de forfaitaire kosten voor het academiejaar 2010-2011. Opleidingen die niet vermeld zijn, rekenen ofwel geen ofwel rechtstreekse kosten aan.
Je betaalt op het moment van je inschrijving, bij voorkeur met bancontact. Creditkaarten (Visa, Mastercard, …) worden niet aanvaard. Heb je recht op vermindering van het studiegeld (beurstariefstudenten en bijna-beursstudenten), dan betaal je bij de inschrijving 100 euro (54 studiepunten of meer) of 55 euro (minder dan 54 studiepunten) en volg je de procedure bij vermindering studiegeld (pdf 31kb).
Studeren kost geld. Voor al je vragen over toelage, beurs, korting, voorschot en lening kan je terecht bij Stuvo, onze dienst Studentenvoorzieningen.