Binnenklasdifferentiatie: gedifferentieerde instructie in het secundair onderwijs

Dit Projectmatig Wetenschappelijk Onderzoek (PWO) heeft als doel een specifieke vorm van gedifferentieerd onderwijs te onderzoeken: gedifferentieerde instructie. Hieronder wordt doorgaans begrepen: het afstemmen van instructie op de instructiebehoeften van een of meerdere leerlingen. In de meeste scholen gebeurt dit afstemmen door het aanbieden van remediëring buiten de klas. In de praktijk wordt deze doorgaans gefocust op leerlingen die minder goed scoren, deze leerlingen krijgen dan in een remediëringssessie extra uitleg met als doel de tekorten weg te werken.

In dit onderzoek bestuderen we ook twee andere vormen van gedifferentieerde instructie: met name verlengde instructie en pre-teaching. Bij verlengde instructie wordt de extra instructie aangeboden tijdens de les. Het is dus een vorm van binnenklasdifferentiatie. Deze verlengde instructie kan in principe zowel op sterk als op minder sterk presterende leerlingen gericht zijn. Bij pre-teaching gebeurt de extra instructie al vooraf. In dit geval worden enkele leerlingen een extra instructie-aanbod gedaan. De ambitie is dan om deze leerlingen beter voor te bereiden op de eigenlijke les zodat ze de reguliere instructie wellicht beter zullen kunnen begrijpen.

We gaan in het bijzonder na of leerlingen in de klas die afhaken of dreigen af te haken wegens de moeilijkheidsgraad van de leerstof iets hebben aan de gedifferentieerde instructie. We zullen dit nagaan door middel van observaties en interviews met de betrokkenen.

Onderzoeksplan

Aan dit onderzoek nemen leraars uit 4 scholen deel. Het gaat telkens om leraars uit het tweede jaar secundair onderwijs. De leraars nemen alleen of met vakcollega’s deel aan het onderzoek. Het gaat om leraars wiskunde en leraars geschiedenis.

Het onderzoek bestaat uit 4 fasen:

 

  1. Literatuuronderzoek (sept 2015-jan 2016)
    In deze fase bestudeert de onderzoeker bestaande wetenschappelijke literatuur rond deze 3 vormen van gedifferentieerde instructie. Op basis hiervan wordt een lijst met kwaliteitscriteria voor gedifferentieerde instructie gemaakt.
     
  2. Voorbereidingsfase (jan 2016-juni 2016)
    In deze fase wordt het quasi-experiment van fase 3 zorgvuldig voorbereid. Dit gebeurt door het ontwikkelen van lesmaterialen door de studenten van de lerarenopleiding. In deze fase bieden we ook vorming aan aan de leraars die in fase 3 de gedifferentieerde instructie zullen uitvoeren en aan de studenten die nodige lesmaterialen zullen ontwikkelen.
  3. Uitvoeringsfase (sep 2016-jan 2017)
    In deze fase passen de leraars uit de deelnemende scholen de ontworpen lesmaterialen in de praktijk toe. Ze bieden daarbij de nodige gedifferentieerde instructie aan. Op verschillende moment doen de onderzoekers de nodige observaties om de effecten van de gedifferentieerde instructie te analyseren.
  4. Analysefase (mei-juni 2017)
    In de laatste fase interviewt de onderzoeker alle betrokkenen. Door middel van deze interviews, en door het onderzoeksmateriaal dat doorheen het jaar verzameld werd probeert deze een antwoord te vinden op de onderzoeksvraag of gedifferentieerde instructie in staat is om de betrokkenheid te verhogen van leerlingen die dreigen af te haken.

Contact

wouter.smets@kdg.be

  • Duur onderzoek: 1/09/2015-31/08/2017

  • Projectpartners: Vrije Universiteit Brussel, Instituut Dames van het Christelijke onderwijs, Sint-Ursula-instituut Wilrijk, Sint-Michielscollege Schoten, Sint-Jozefinstituut, Kontich

  • KdG-medewerkers: Wouter Smets, Els Sas